Vlaams stoofvlees met bier
Met bruin bier, mosterd en appelstroop.
Stoofvlees, een van onze favorieten in de winter. Je hebt er even tijd voor nodig, maar moeilijk is het niet. Na het snijden en aanbakken doet de pan het meeste werk. En daar krijg je heerlijk zacht vlees en een goedgevulde saus met wortel en champignons voor terug.
Die tijd moet je het vlees wel echt geven. Stoofvlees binnen een half uur op tafel zetten gaat gewoon niet. Dan is het taai en daar wordt niemand blij van.
Ik ben opgegroeid met stoofvlees. Ik kan me de geur van het vlees dat urenlang opstond nog precies herinneren.
Ik gebruik voor dit stoofvlees recept riblappen. Die bevatten wat vet en bindweefsel en worden door het langzame stoven lekker zacht. Gebruik liever geen heel mager vlees, want dat droogt sneller uit.
Je kunt ook runderlappen of sukadelappen gebruiken. Riblappen en runderlappen snijd je vooraf in blokjes. Sukadelappen kun je mooi in hun geheel stoven. Dan krijg je van dat lekkere ouderwetse draadjesvlees.
Voor dit recept reken ik 250 gram rauw vlees per persoon. Voor 4 personen gebruik je dus 1 kilo riblappen.
De precieze gaartijd verschilt per soort vlees:
Zie deze tijden vooral als richtlijn. Is het vlees nog taai? Dan heeft het meestal gewoon wat langer nodig. Het is klaar als je het gemakkelijk met een vork uit elkaar kunt trekken. Het vlees wordt het lekkerste als je het eerst kort op hoog vuur aanbraadt. Dan gaat het karameliseren en krijgt het een mooie donkere kleur.
Braad het vlees eerst kort aan op hoog vuur. Zo krijgt het een mooie donkere kleur en extra smaak. Doe dit eventueel in meerdere rondes, zodat de pan goed heet blijft.
Daarna mag het vuur omlaag. Laat het vlees rustig sudderen op de kleinste pit en zorg dat het niet hard kookt. Heb je een sudderplaatje? Dan is dit een goed moment om dat uit de kast te halen.
Voor de smaak gebruik ik ui, wortel, laurier en kruidnagel. Lekker klassiek. Je kunt ook tijm of rozemarijn toevoegen. De tomatenpuree zorgt voor een licht zurige smaak. Een klein scheutje azijn kan ook.
Wil je het stoofvlees rond Sinterklaas maken? Voeg dan eens kruidnoten toe. Huh? Ja echt, dat is lekker. Ze zorgen voor een licht zoete, kruidige smaak en helpen de saus te binden.
Geen kruidnoten in huis? Met twee plakjes ontbijtkoek werkt het net zo goed.
Wij eten stoofvlees het liefst met romige aardappelpuree of lekkere dikke frieten. Die saus wil je natuurlijk niet op je bord laten liggen. Ook rode kool met appel past er heel goed bij.

personen
De voedingswaarden op deze website worden automatisch berekend en dienen daarom uitsluitend als indicatie.
Dit recept maak je zonder bier, maar wel met rode wijn. Wil je het helemaal zonder alcohol maken? Vervang de wijn dan door extra bouillon met een klein scheutje balsamicoazijn of appelazijn.
Laat het stoofvlees het grootste deel van de tijd met de deksel op de pan stoven. Is de saus aan het einde nog te dun? Haal de deksel er dan het laatste halfuur af, zodat het vocht kan inkoken.
Dan heeft het vlees meestal nog wat langer nodig. Zet het vuur laag, zorg dat er voldoende vocht in de pan zit en laat het rustig verder stoven. Het vlees is klaar wanneer je het gemakkelijk met een vork uit elkaar kunt trekken.
Laat het stoofvlees zonder deksel verder stoven, zodat het vocht kan inkoken. Je kunt eventueel ook een klein beetje maizena oplossen in koud water en door de saus roeren.
Nee hoor. De kruidnoten geven een licht zoete, kruidige smaak en helpen de saus te binden. Je kunt ze prima vervangen door twee plakjes ontbijtkoek.
Stel Uit Paulines Keuken in als jouw voorkeursbron in Google. Zo vind je onze recepten sneller terug én mis je geen nieuwe inspiratie.