Carpaccio in glaasje

Ingrediënten voor 4 personen
personen
- 125 gr carpaccio
- 30 gr rucola
- 50 gr zongedroogde tomaten
- 30 gr pijnboompitten
- 80 + 25 gr Appenzeller
- peper en zout
- 3 el mayonaise
- 15 gr verse basilicum
- Sap van een 1/2 citroen
-
Maak eerst de kaaskoekjes. Verwarm de oven voor op 200 graden (boven- en onderwarmte). Rasp 80 gram Appenzeller. Bekleed een bakplaat met bakpapier. Verdeel eetlepels van de kaas in ronde hoopjes op de bakplaat.
Bak de kaaskoekjes in ongeveer 6 tot 8 minuten goudbruin in de voorverwarmde oven. De koekjes zijn klaar als de buitenkant goudbruin kleurt. Laat ze afkoelen op de bakplaat.
-
Mix de mayonaise met het sap van een halve citroen en de basilicum glad in het hakmolentje van je staafmixer. Breng op smaak met peper en zout.
-
Rooster de pijnboompitten kort in een droge koekenpan. Snijd de zongedroogde tomaten in stukjes. Schaaf de overgebleven Appenzeller met een dunschiller in grove linten. Meng dit samen met de tomaat en pijnboompitten door de rucola en schep om. Breng op smaak met een beetje peper en zout.
-
Verdeel de rucola over 4 coupeglazen. Drapeer de plakjes carpaccio over de rucola. Garneer de carpaccio in het glaasje met basilicum-mayonaise, wat extra schaafsels Appenzeller en eventueel nog extra verse basilicum. Steek in elk glas een kaaskoekje en serveer direct.
De voedingswaarden op deze website worden automatisch berekend en dienen daarom uitsluitend als indicatie.
